|
Wat is en doet de Werkgroep Zand
Meer weten of opgeven
Gebruikte hulpmiddelen
Methoden en technieken
Project NederZand
Wat is en doet de Werkgroep Zand
De Werkgroep Zand (WGZ) is de jongste van de landelijke werkgroepen van de Stichting GEA (eerste bijeenkomst februari 1996). De WGZ is geen verzamelaarsgroep; dit moge blijken uit de doelstelling van de WGZ: het bestuderen van zand in al haar facetten
In principe kan een ieder die bezig wil zijn met zand zich aansluiten: verzamelaars, fotografen, onderzoekers. Het programma van de bijeenkomsten wordt echter grotendeels gevuld met het verkrijgen van kennis van en vaardigheid in het herkennen van de in het zand voorkomende mineralen. Daarnaast wordt tenminste één maal per jaar een wandeling gemaakt door een voor de WGZ interessante omgeving. De WGZ kan als een ware pioniersgroep gezien worden: zowel materiaal als werkwijzen worden aangepast en/of ontwikkeld ten behoeve van gebruik voor zand. Het blijkt dat de wijze waarop de WGZ met zand bezig wil zijn een nog niet eerder betreden gebied inhoudt.
Hoewel de zware mineralen in zand een belangrijk facet van de bestudering vormen, wordt ook aandacht besteed aan de andere bestanddelen die in zand kunnen voorkomen: de lichtere mineralen, fossielen en biogene delen.
Daarnaast komen algemene geologische onderwerpen aan de orde die van belang geacht worden voor de besturing van zand, zoals de geologische tijdschaal en de geologische kaart.
Hoewel er stevig geleund wordt op professionele deskundigheid, wordt er regelmatig door één van de leden van de werkgroep zelf een onderwerp ingeleid waarna praktijkopdrachten worden uitgevoerd.
Voor de leden van de groep is een naslagwerk , het 'Handboek Zand' beschikbaar, waarin alle informatie die van belang wordt geacht is opgenomen. Hoewel de redactie het voortouw heeft, bevat het Handboek heel wat bijdragen van de leden en geeft daardoor deels een exposé van de resultaten van het pionierswerk van de WGZ.
Meer weten of opgeven
Het kan zijn dat u meer wil weten over de Werkgroep Zand.
Daarvoor kunt u altijd terecht bij het bestuur:
Voorzitter
Anneke de Jong-Pluijmers
Fazantenkamp 527
3607 DD Maarsen
telefoon: 0346 568553
e-mail: anneke-wgz@kpnmail.nl
Penningmeester
Nynke Posthuma
De Hoorn 2
1188 HH Amstelveen
telefoon: 020 6403867
e-mail: zandpost@gmail.com
De werkgroep staat open voor iedereen met interesse in zand. Kosteloos meekomen kijken is altijd mogelijk.
De bijeenkomsten zijn wisselend in Maarssen-Dorp en Harmelen, ongeveer één keer per twee maanden. Naast een boeiend programma is er ook gelegenheid tot het uitwisselen van wetenswaardigheden en zand.
De heer K. Haagsma zal waar mogelijk practicumonderwijs geven in de optische determinatiekenmerken.
De aanstaande bijeenkomsten zullen plaatsvinden in 't Honk, te Maarssen-Dorp. Er is een excursie naar Luxemburg in voorbereiding in april/mei.
In november 2010 is de DVD "Zand, een grenzeloze hobby" uitgebracht, met hierin o.a. een kijkje op het ontstaan van zand, scheidingstechnieken en het maken van preparaten.
De prijs is € 10,- plus verzendkosten. Geïnteresseerden kunnen de DVD bestellen bij:
Anneke de Jong, anneke-wgz@kpnmail.nl.
Nadere gegevens krijgt u bij bestelling.
Gebruikte hulpmiddelen
Eén van de uitgangspunten voor de werkgroep is, om met zo eenvoudig mogelijke en betaalbare middelen de bestudering van het zand ter hand te nemen.
De Russische MBS-10 microscoop is als standaard instap gekozen, om reden van de prijs en de mogelijkheid tot ombouw/aanpassing voor het bestuderen van zandmonsters. Zo is er o.a. een polarisatie-inrichting aangebracht en wordt gebruik gemaakt van een voorzetlens met dubbele vergroting. De groep heeft zich echter in de afgelopen jaren ontwikkeld en er wordt steeds meer van echte polarisatiemicroscopen gebruik gemaakt.
Zand bestaat uit korrels met een doorsnede van 2 mm tot 1/16e mm. Om deze in ieder geval te scheiden van de andere korrels en tevens fracties met verschillende korrelgrootten te verkrijgen wordt gebruik gemaakt van een zevenset. Voor bestudering met de polarisatie-microscoop is de fractie met korrelgrootte tussen 122 en 263 µm favoriet omdat de korrels nog goed zichtbaar zijn en is gebleken dat in deze fractie vaak de meeste zware mineralen zitten.
Om de zware mineralen uit een zandmonster te halen wordt een waspan gebruikt. In feite wordt de kwarts (niet geheel) 'weggewassen'. Deze handeling vindt normaliter plaats voor het zeven.
Zware mineralen zijn vaak min of meer magnetisch en het kan de herkenning/determinatie van de diverse mineralen zeer vergemakkelijken als de te onderzoeken korrelgroottefractie verdeeld wordt in meerdere magnetische fracties. Hiervoor wordt een luidsprekermagneet gebruikt waar de sterkte gevariëerd wordt door er meer of minder papiertjes voor te houden.
Voor gedegen bestudering van de korrels worden deze in een korrelpreparaat gevat. De WGZ heeft een aantal preparaten met diverse kit- en inbeddingsmiddelen ontwikkeld.
De biogene en fossiele deeltjes uit het zand kunnen in frankencellen of de chapmanslide worden opgenomen.
Methoden en technieken
Het voorbereidende werk geschiedt door toepassing van scheidingstechnieken:
pannen - het scheiden van de zware mineralen van het lichtere materiaal (vnl. kwarts)
zeven - het verdelen in korrelgrootte fracties, de fractie 122 - 263 µm is meestal de beste
magnetische scheiding - het verder uit elkaar halen van de gekozen zeeffractie met de magneet zorgt voor verdere beperking van het aantal verschillende mineralen per verkregen magnetische fractie
Veel bestaande methoden en technieken zijn niet zo geschikt voor bestudering van zand. Zo blijken de hulpmiddelen die ontwikkeld zijn voor de bestudering van slijpplaatjes minder geschikt omdat zandkorrelpreparaten minstens twee maal dikker zijn dan de slijpplaatjes.
De WGZ heeft enkele manieren om korrelpreparaten te maken ontwikkeld. Daarbij worden in enkele gevallen huis-tuin-en-keuken-middelen gebruikt, in andere gevallen wordt niet ontkomen aan duurdere stoffen. De maker kan kiezen tussen snelheid, veelvuldige en/of veelzijdige bruikbaarheid en/of kwaliteit.
- Een snel, tijdelijk preparaat maakt men door op een objectglaasje korrels in een druppel aangebrachte immersie(inbeddings-)vloeistof de strooien. Eventueel een dekglaasje er over leggen. Honing, entellan of anijsolie worden hierbij gebruikt.
- Bij een semi-permanent preparaat worden de korrels op het objectglaasje gekit, ingebed in een vloeistof en afgedekt met een dekglaasje.Als kitmiddel zijn o.a. arabische gom, nagellak en New wave haargel gebruikt. Na gebruik kan de inbeddingsvloeistof weggespoeld worden.
- Voor een permanent preparaat wordt tegenwoordig nog slechts canada balsem gebruikt. Niet goedkoop, doch een blijvend goed preparaat, als men de procedure goed heeft uitgevoerd. Voordien werden een preparaat met nagellak (ging krimpen en scheuren) of New Wave met entellan (verkleurde, kromp en scheurde) gebruikt. Met veel oefenen onder zeer strikte omgevingsvoorwaarden is evenwel een goed resultaat te krijgen met de laatst genoemde middelen.
Bij de herkenning van de zandmineralen worden met de microscoop een aantal optische eigenschappen bepaald, waarmee via de mineralenzandtabel waarin o.a. deze eigenschappen zijn opgenomen, het mineraal bepaald kan worden. De eigenschappen m.b.v. gepolariseerd licht bepaald, vormen de belangrijkste eigenschappen. Het laat zich raden dat een correcte bepaling van de optische eigenschappen zeer belangrijk is en intensieve oefening vereist.
Project NederZand
Projectbeschrijving
Inleiding
Zand, zand en nog eens zand. Dat kan men zeggen van de bereikbareondergrond van Nederland. Ja, er zijn ook bestanddelen die niet binnende definitie van zand vallen, maar deze vallen in het niet bij de hoeveelhedenzand.
Een ideaal terrein dus voor zanderlingen, die naast het verzamelen en bekijken van zand, meer willen leren over het fenomeen zand. Daarbij kan men denken aan de opbouw van het dikke zandlagenpakket en de wordingsgeschiedenis daarvan. Dat betekent binnentreden in de wereld van de geologie, stratigrafie, geomorfologie, klimatologie en noem nog maar een paar logiën.
Nu de WGZ zich al enige kennis en vaardigheid heeft eigen gemaakt ten aanzien van de herkenning van zandkorrels, kan deze uitgediept resp. verhoogd worden door toepassing ervan in een geologisch kader. De zandbak van Nederland is een uitgelezen terrein om als dat geologische kader te dienen.
Notie van geologische tijdschalen en stratigrafie is belangrijk bij het omspitten van de Nederlandse zandbak evenals het zien en begrijpen van wat een geologische kaart te bieden heeft. Beide onderwerpen zijn daartoe reeds aangestipt.
Gelet bovenstaande is het dus niet verwonderlijk dat we de geologie van Nederland als studieobject onder de loep nemen. De geologie van Nederland geeft voldoende aanknopingspunten om én met zand bezig te zijn én de kennis van de geologie in het algemeen en met betrekkingtot zand in het bijzonder te vergroten.
Doelstelling
Zoals in de inleiding reeds naar voren komt, wordt de bestuderingvan zand in het kader van de geologie van Nederland geplaatst. De hoofddoelstellingvan het project NederZand is als volgt geformuleerd:
het vergaren van kennis van de in Nederland voorkomende zanden
met als een nevendoelstelling
het vergaren van kennis van de geologie van Nederland
Er is hier sprake van de kip en het ei. Zonder zand geen geologievan Nederland en voor de kennis van de Nederlandse zanden komt men nietom de geologie van Nederland heen.
Voor de WGZ is vooral de Kwartaire geologie interessant. Ongeveer alle in die Periode gevormde formaties zijn redelijk toegankelijk doordat ze op de een of andere manier ontsloten zijn. Het gros daarvan bestaat voornamelijk uit zand.
Opzet
Het streven is, de theorie van de geologie te illustreren met relevantmateriaal, in dit project dus zand. De geologie van Nederland wordt middelsde wordingsgeschiedenis van Nederland behandeld, waarbij de Kwartair Periodeeen vooraanstaande plaats inneemt. Daarbij zal steeds de tijd genomenworden geologische begrippen uit te leggen. Enkele fundamentele zakenzoals de geologische tijdschaal en de geologische kaart zijn al kort aande orde geweest en kunnen (waar relevant) verder uitgediept worden.
De geologische tijdschaal kan als een matrix beschouwd worden, waarin de horizontale rijen de tijd en de verticale kolommen de aard van de afzettingen aangeven.
Op onze reis door de tijd, vanaf het laatste deel van het Tertiair tot het heden, zien we Nederland ontstaan. We zullen daarbij regelmatig stilstaan bij van belang zijnde geologische fenomenen en trachten de diversiteit aan aspecten te synthetiseren. Een uitdaging die we graag aangaan.
Onder de loep komen onder andere de afzettingen naar de aard van hun ontstaan; we onderscheiden daarin afzettingen in zee en bij de kust, afzettingen van grote rivieren, afzettingen in verband met landijs en afzettingen van lokale herkomst.
De eerder genoemde geologische fenomenen komen hier duidelijk om de hoek en zullen de aandacht krijgen die ze verdienen. Door ze niet als op zich zelf staande aspecten te benaderen hopen we een integraal beeld te scheppen.
Het practicum zal zich niet alleen richten op het herkennen van de verschillende mineraalkorrels in de zanden, doch ook ingaan op de korrelgroottetrajecten, de kenmerken van de afzettingen en er zullen vergelijkende studies van deze afzettingen gemaakt worden.
Daar de tijd op de bijeenkomsten beperkt is, wordt een fors beroep op de zelfwerkzaamheid van de WGleden gedaan; bijtijds zal aangegeven worden welke voorbereidende handelingen thuis uitgevoerd moeten worden. In de vergelijking van de resultaten/bevindingen van dit ?thuiswerk? ligt dan het leermoment. De subtitel luidt niet voor niets ?voor en door de WGZ?.
Middelen
Voor dit project zullen o.a. de volgende middelen aangewend worden:
- relevante literatuur
- inleidingen en lezingen
- zandmonsters (van boringen)
- microscoop met toebehoren
- excursies, opdrachten
Literatuur
Er wordt zoveel mogelijk ingehaakt op voorhanden zijnde relevantepublicaties.
Uitvoering
Bij iedere projectbijeenkomst wordt een opdracht verstrekt die betrekkingheeft op een bepaald monster (of een groep monsters). Er zal steeds eenander thema behandeld worden zodat overlapping niet plaats vindt.
Er zal voor iedere opdracht een korte inleiding over het onderwerp gegeven worden, waarna de opdracht uitgevoerd wordt. Resultaten worden verzameld, geëvalueerd en opgenomen in het project dossier
Dossiervorming
Er wordt rekening gehouden met de productie van analyseresultaten,samenvattingen en aanvullende informatie over de onderwerpen. De WGZ moetdaarin niet karig zijn. Liever te veel en mogelijk overlappende informatiedan onvolledige informatie.
De WGZ zal een zo volledig mogelijk dossier aanleggen van het project, doch laat het aan de individuele leden over hoe zij dat voor zichzelf willen aanpakken. Het ligt in de bedoeling een handzaam naslagwerk uit de vergaarde en gebruikte informatie samen te stellen. |